CO2-credits: hoe zit dat precies voor Ignite a Better Future?

Wie CO2 vermijdt of reduceert, kan daar in theorie voor betaald worden. Dat is de belofte van de CO2-markt. Voor een organisatie als Ignite a Better Future lijkt dat een logische inkomstenbron. De realiteit is ingewikkelder.

Er zijn grofweg drie soorten markten voor CO2-compensatie: de vrijwillige markt, artikel 6 van het Klimaatakkoord en koolstofkredietmarkten.

Vrijwillige markt
De vrijwillige markt werkt op basis van bedrijven die hun uitstoot uit eigen beweging willen compenseren. Voor projecten in sub-Sahara Afrika, zoals schoon koken-programma’s, is dit  jarenlang de voornaamste route geweest. Die markt heeft de afgelopen jaren echter haar geloofwaardigheid verloren door onzekerheid over de kwaliteit van de aangeboden credits.

Parijs Klimaatakkoord
Artikel 6 van het in Parijs afgesloten Klimaatakkoord biedt nieuwe kansen. Zo maakt het onder artikel 6.2 bilaterale handel in emissiereducties mogelijk. Een land als Zwitserland koopt bijvoorbeeld CO2-credits van uitstootbesparende projecten in Ghana en gebruikt die om de eigen emissies te compenseren. Artikel 6.4 gaat verder: het creëert een centraal, VN-geleid mechanisme, de Paris Agreement Crediting Mechanism (PACM), waarbinnen projecten wereldwijd CO2-credits kunnen verhandelen.

Koolstofkredietmarkten
Een derde optie vormt emissiehandel via de koolstofkredietmarkten, waaronder het Europese Emissions Trading System (EU ETS). Dit systeem is verplicht en gereguleerd: grote uitstoters moeten emissierechten kopen of inleveren. zeker nu steeds meer landen overwegen om een beperkt deel van hun klimaatdoelen via internationale credits te halen. De potentie is groot. Als bedrijven wereldwijd vijf procent van hun uitstoot via internationale credits zouden kunnen compenseren, betekent dat er jaarlijks vraag zou zijn naar honderden miljoenen ton CO2 die bespaard zijn. De EU overweegt al om drie procent van haar 2040-klimaatdoel via internationale credits te compenseren, goed voor zo’n 150 miljoen ton CO2.

Uitdagingen
De kansen zijn er, maar in de praktijk is de verkoop van CO2-credits om meerdere redenen weerbarstiger:

  • Nationale infrastructuur: Om credits te kunnen verkopen onder Artikel 6, moet het land waar het project plaatsvindt officieel toestemming geven. Dat vereist dat het land een nationale autoriteit heeft aangewezen om een CO2-creditsysteem op te zetten en onderhouden, een ‘Nationally Determined Contribution’ (NDC) heeft ingediend én een lijst heeft opgesteld van activiteiten die in aanmerking komen. De landen waar wij actief zijn, beschikken (nog) niet over een dergelijke infrastructuur.
  • Hogere eisen: De eisen onder het Paris Agreement Crediting Mechanism (PACM) zijn streng. Verbeterde monitoring- en rapportagesjablonen en verificatieprocedures vragen om capaciteit en expertise die voor kleinere organisaties niet vanzelfsprekend zijn.
  • Voorkomen van dubbeltelling: Wanneer een land credits verkoopt, moet het een zogenaamde ‘corresponding adjustment’ doorvoeren: de verkochte emissiereductie mag niet ook meetellen voor de eigen klimaatdoelen van het land dat de credits verkoopt. Dat klinkt logisch, maar vraagt om robuuste nationale boekhoudkundige systemen die lang niet overal bestaan.
  • Vertrouwen en prijzen: De vrijwillige markt heeft veel vertrouwen verloren. Kopers zijn kritischer geworden en de prijs voor credits varieert sterk, afhankelijk van kwaliteit, verificatie en het type project. Schoon koken-projecten scoren goed op bijkomende voordelen zoals gezondheid, gender, huishoudeconomie, maar concurreren met projecten die hun CO2-besparingen op papier makkelijker hard kunnen maken.

Hoop
Hoopvol is dat compliance-markten groeien en steeds meer openstaan voor internationale credits. De EU, Japan en Singapore bewegen allemaal die kant op. Tegelijkertijd worden er meer eisen gesteld aan de standaarden voor kwaliteit en integriteit van CO2-credits. Dit is uiteindelijk goed voor projecten en bedrijven die écht impact willen maken, maar zorgt tegelijkertijd voor een hogere drempel om mee te draaien in carbon credit markten. Ook al past een schoon koken-project binnen carbon credit markten, dan nog vraagt de weg ernaartoe om erkenning, investering, geduld en de juiste partners.

juli 2, 2026

Blijf op de hoogte van Ignite a Better Future en schrijf je in voor de nieuwsbrief.

Ook interessant …

0 reacties

Een reactie versturen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *